Voedselveiligheid beheersen in een maatwerkbedrijf
Voedselveiligheid in een maatwerkbedrijf betekent de zwaarste klanteneisen halen met medewerkers die een afstand tot de arbeidsmarkt hebben… en met producten die niet van jou zijn. Naomi Vandereycken, coördinator kwaliteit, milieu en duurzaamheid bij maatwerkbedrijf Demival in Deinze, vertelt hoe ze BRC, onaangekondigde audits en een echte kwaliteitscultuur combineert.
April 2025 – 32 min – Seizoen 1, aflevering 6
Wie is Naomi Vandereycken, QESH manager bij Maatwerkbedrijf Demival?
- Naomi Vandereycken is coördinator kwaliteit, milieu en duurzaamheid én preventieadviseur niveau 2 bij maatwerkbedrijf Demival in Deinze, waar ze sinds 2019 werkt.
- Ze is bachelor in de agro- en biotechnologie en groeide door via R&D en een functie als technical account manager bij een bekend voedingslabo.
- Bij Demival draait haar job voor ongeveer 70 à 75% rond kwaliteit; milieu doet ze samen met een externe partner, preventie met een intern team.
- Ze stuurt een ploeg kwaliteitscontroleurs aan, bespreekt klachten en kwaliteitstopics rechtstreeks met de klanten, en zit in lerende netwerken voor preventieadviseurs en kwaliteit (VCK).
Welke onderwerpen komen aan bod?
- Werken met een bijzondere doelgroep: opleiden via begeleiders, foto’s en simpele voorbeelden, jobstudenten in het chocoladeseizoen, taalbarrières en zelfs gebarentaal.
- Certificatie en audits: BRC (met klanten die een A-score eisen), interpretatieverschillen tussen auditoren, ISO versus BRC, en de bewuste keuze voor onaangekondigde audits.
- Het drieluik kwaliteit–milieu–preventie in één functie, en het spanningsveld tussen kwaliteit en productierendement: bij Demival is de interne klant, de medewerker, het uitgangspunt.
- Klanteneisen en administratie: strenger wordende normen, allergenen, food defence, herverpakken en houdbaarheidsdata.
En zoveel meer!
Waarom zou ik luisteren?
- Een zeldzaam kijkje in QA bij een loonverpakker die géén eigenaar is van de goederen: je erft de instructies én de aansprakelijkheid van je klant.
- Een schoolvoorbeeld van food safety culture die écht werkt: productie belt spontaan naar kwaliteit wanneer iets niet klopt, in plaats van de klacht door te schuiven.
- De klant die vroeg om een houdbaarheidsdatum vijf maanden verder te printen dan die van de grondstof, en wat het FAVV daarop antwoordde.
- Een onderbouwd pleidooi voor eenvoud: minder vinkjes zetten om de norm te plezieren, meer uitleggen waaróm iets moet, en durven kiezen voor permanent onaangekondigde audits.
Introductie
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Mijn gast van vandaag is een jong, springend veulen, zoals ze zich op LinkedIn ook voorstelt, en zoals ik haar ook wel inschat in de dagelijkse praktijk. Gebeten door kwaliteit en preventie deelt zij bij maatwerkbedrijf Demival in Deinze de lakens uit als coördinator kwaliteit, milieu en duurzaamheid en als preventieadviseur niveau 2. Als bachelor in de agro- en biotechnologie werkte zij zich via een job in de R&D en als technical account manager bij een gekend foodlabo op tot waar ze nu staat.
Sinds 2019 tilt zij de medewerkers van Demival naar een hoger niveau en ik mag haar met trots tot een van mijn trouwe klanten rekenen. Welkom, Naomi Vandereycken.
Naomi Vandereycken, Demival:
Dag Alexander.
Wat doet Demival?
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Naomi, kan je misschien eerst even voor onze luisteraars schetsen wat Demival juist doet op het vlak van levensmiddelen?
Naomi Vandereycken, Demival:
We zijn een maatwerkbedrijf, beter gekend als een beschutte werkplaats, zoals dat vroeger heette. Wij werken met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, die niet terechtkunnen in het reguliere circuit, in een gewoon bedrijf. Wij bieden hun een job aan, en daarbinnen hebben wij een voedingsafdeling waar wij onder andere chocolade, koekjes en thee verpakken.
Dus wij bieden hun een job aan om thee en chocolade te verpakken in zakjes, blisters en dergelijke.
Van R&D naar quality bij een maatwerkbedrijf
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Jijzelf hebt, zoals ik al zei, vooral een achtergrond in R&D en in de labowereld. Hoe moeilijk of hoe makkelijk was die overstap naar een leidende kwaliteitsfunctie, en dan nog in een maatwerkbedrijf?
Naomi Vandereycken, Demival:
Eigenlijk was dat voor mij niet zo moeilijk, want ik ben zelf heel sociaal. En een sociale werkplaats is uiteraard ook heel sociaal. Alles is gericht op de mens, en op productie natuurlijk ook, want zonder inkomsten van externe klanten kan je geen bedrijf runnen en geen productie draaien.
Mijn vorige job was commercieel, maar ook sociaal, en was eveneens een combinatie met kwaliteit. Dat leunt heel goed aan bij wat ik nu doe. Nu doe ik nog meer wat ik zelf wil, ben ik autonomer, kom ik toch met iedereen in contact en kan ik mij in alle afdelingen uitleven: niet alleen in de verpakkingsafdeling, maar ook in de metaalafdeling en de groendienst.
Die overgang was dus heel makkelijk voor mij. Het voelde voor mij helemaal goed, en daarom ben ik er ook zo enthousiast over, denk ik.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ja, dat merk je wel. Zoals ik al zei, ben je naast preventieadviseur ook milieucoördinator. Deze podcast gaat hoofdzakelijk over voedselveiligheid.
Zie je veel gelijkenissen tussen de aanpak van een milieudossier, een preventiedossier en een voedselveiligheidsdossier?
Naomi Vandereycken, Demival:
Zeker. Die drie gaan hand in hand en je kan het ene niet uitvoeren zonder het andere. Vroeger had mijn voorganger, die kwaliteitsverantwoordelijke was, ook een heel klein stukje milieu in haar takenpakket.
Daarvoor werkten we samen met een externe firma. Ook preventie lag bij een andere persoon. Nu zien we dat die drie samenhangen en hebben we ze geclusterd.
Die drie vallen nu dus samen onder mijn verantwoordelijkheid. Waarom? Als je een machine aankoopt, kijk je niet alleen naar voedselveiligheid, maar ook naar de veiligheid van de mens.
En je kijkt ook naar de milieu-impact. Als je het ene beoordeelt, neem je het andere dus meteen mee. Drie functies in één combineren was de oplossing om het goed én eenvoudiger te doen.
Ik moet jou uit jouw ervaring niet vertellen, Alexander, dat als je een job opsplitst in drie aparte functies en je doet drie keer hetzelfde, dat een bedrijf niet alleen veel geld maar ook veel tijd kost. Waarom zou je het dan niet vereenvoudigen en samennemen?
Kwaliteit, milieu en preventie combineren
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ik denk wel dat het een uitdaging is: naast het opvolgen van de voedselveiligheidswetgeving heb je dan ook nog de milieuwetgeving en de welzijnswetgeving op te volgen.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, dat klopt inderdaad. Ik doe dat grotendeels zelf, maar we hebben ook een team van kwaliteitscontroleurs in onze productie die effectief QC doen. Ik doe dan QA, en we werken ook samen met externen, zoals A+ Quality en jijzelf, die ons bijstaan om op de hoogte te blijven. We volgen opleidingen, dus ik denk dat we via verschillende kanalen genoeg opvolgen om mee te zijn met de dagelijkse veranderingen.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Demival is natuurlijk net iets anders dan een gewoon productiebedrijf, in die zin dat jullie niet de eigenaar van de goederen zijn: het is jullie klant die de goederen bij jullie brengt en die daarna een afgewerkt product weer afneemt. De klant is koning, maar hoe heb jij de eisen of de verwachtingen van die klanten doorheen de jaren zien evolueren?
Naomi Vandereycken, Demival:
Ik werk nu ongeveer zes jaar bij Demival en ik zie dat het strenger en strenger wordt. BRC verandert, we krijgen nieuwe normen of de normen worden geüpdatet. Dat vertaalt zich ook in de eisen van de klant.
De klant wil ook zoveel mogelijk verantwoordelijkheid of aansprakelijkheid leggen bij de verschillende productiestappen die aan het eindproduct bij de consument voorafgaan. Alles wordt dus strenger en ook moeilijker. Sommige dingen vind ik persoonlijk wel wat overroepen. Ik herinner me nog de wijziging van BRC: alles stond in het teken van food defence, food defence, elke auditor sprong daarop. En nu, de laatste twee jaar: wat is food defence nog?
Je ziet veel veranderingen. Er wordt iets nieuws geïntroduceerd en nadien denken de mensen: oei, is dat wel nuttig geweest? Ook op het vlak van allergenen zie je dat meer en meer. Vroeger bestond dat allemaal niet, en nu komen er alleen maar allergenen bij. Dus ja, dan moet je uiteraard strenger gaan werken. Iedereen wil zich indekken tegen ziekte, tegen een ongeval of zelfs tegen een overlijden. Iedereen wil zich afdekken, en dat snap ik ergens ook wel.
Nieuwigheden invoeren bij het personeel
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Hoe moeilijk is het om zulke nieuwigheden te introduceren bij het personeel van Demival? Want jullie werken met een heel specifieke doelgroep.
Naomi Vandereycken, Demival:
Bij ons hebben we per tien maatwerkers of werknemers een begeleider, en die begeleider wordt op de hoogte gebracht van alle nieuwigheden. We hebben heel vaak overlegmomenten, zoals de wekelijkse planningsvergadering met productie waar kwaliteit en voedselveiligheid een vast punt zijn. Dat komt dus elke week aan bod; ook klachten en nieuwigheden worden daar besproken. We hebben heel vaak opleidingsmomenten en we zijn continu aanwezig in productie. Dat is vooral om zaken ter plekke uit te leggen aan de mensen, toe te lichten aan de hand van foto's en simpele voorbeelden, en ook om de achterliggende reden van een nieuwigheid of een nieuwe wetgeving te duiden. Waarom doen we iets?
Waarom moeten we iets veranderen? Dat is bij ons het belangrijkste. En je moet het zo simpel mogelijk uitleggen, anders bereik je de nodige output niet.
Het KISS-principe
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ik ben nu eenmaal een fan van het KISS-principe: keep it simple, stupid.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, zeker.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
En zoals je zegt: het uitleggen van het waarom geldt niet alleen bij maatwerkers, maar overal in de industrie, denk ik. En heel veel met foto's werken. Als iemand begrijpt waarom hij een bepaalde registratie of een bepaalde handeling moet doen, dan is de kans veel groter dat hij die ook uitvoert.
Naomi Vandereycken, Demival:
En ik ben zelf geen fan van het afvinken van vakjes. Vroeger hadden we registratieformulieren waar we vinkjes op zetten, en vinkjes zetten om de norm te plezieren heeft geen enkel nut. Je moet iets doen wat zin heeft, je moet het simpel houden en gewoon de basis goed evalueren. Dat is eigenlijk wat je nodig hebt, vind ik.
ISO versus BRC: waar zit het gezond verstand?
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Zie je dat auditoren daar altijd in meegaan? Want je zegt wel "ticking the boxes", maar bepaalde auditoren zoeken natuurlijk toch naar bewijslast.
Naomi Vandereycken, Demival:
Je moet dat een beetje vergelijken. We hebben ook een ISO-certificaat voor kwaliteit en voor milieu, en daar doet wat er op papier staat er eigenlijk minder toe. Als je kan vertellen wat je doet en ook kan tonen dat je het effectief doet, is dat voldoende. En als je kan aantonen dat je je proces verbetert, dat je klachten aanpakt en dergelijke, dan is dat oké.
Bij BRC en dergelijke moet je natuurlijk wel meer registreren: allergeenreinigingen en dergelijke.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ik hoor je een beetje zeggen dat er wel gezond verstand is bij de ISO-auditoren, en iets minder bij de BRC-auditoren.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, eigenlijk wel. Maar voedselveiligheid is belangrijk — kwaliteit is minder belangrijk dan voedselveiligheid — dus ik begrijp de auditoren van BRC ook wel.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ze worden natuurlijk in dat keurslijf gedwongen door de standaard. Als je het BRC-boekje bekijkt, dan vormen de eisen zelf nog maar een derde van het boek, en de rest is…
Naomi Vandereycken, Demival:
En dan nog: BRC is een norm die je zelf kiest, je bent niet verplicht om dat te doen. Wij hebben er ook zelf voor gekozen, enerzijds omdat onze klanten het vragen, en anderzijds gewoon voor onszelf, om continu te verbeteren.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Dat laatste is natuurlijk een mooie insteek.
Naomi Vandereycken, Demival:
Het is voor onszelf.
Wat als de normen morgen wegvallen?
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Stel dat jullie morgen zouden zeggen: we stoppen met die normen. Hoe zouden jullie klanten daarop reageren?
Naomi Vandereycken, Demival:
Niet goed. We hebben effectief klanten die eisen dat we een A-score halen en niet lager dan A. Dat heeft dus implicaties: dan zouden we niet veel klanten meer overhouden.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Wat vind je daar zelf van, van die eis om een A-score te halen?
Naomi Vandereycken, Demival:
Ik vind dat heel moeilijk om te beoordelen, omdat ik niet altijd vind dat auditoren op dezelfde manier beoordelen. De ene is veel strenger dan de andere, en dat klopt ergens niet. Dit jaar hadden we een buitenlandse auditor. Dat maakt mij op zich niets uit — de audit verliep in het Engels met een tolk erbij, want ons personeel spreekt enkel Nederlands — maar die beoordeelde heel wat anders dan de auditor van vorig jaar.
Dus ik vind dat heel moeilijk.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ja, er blijft natuurlijk heel veel ruimte voor interpretatie, en de persoon die tegenover je zit moet uiteindelijk zijn score geven. Eenzelfde situatie wordt door auditor A misschien als een A bestempeld en door een andere auditor als een B, en voor je klant maakt dat wel een verschil. Dat is niet altijd simpel.
Naomi Vandereycken, Demival:
Zeker niet.
Van fouten afstraffen naar een open cultuur
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Je zei daarnet dat jullie als kwaliteitsmensen zoveel mogelijk op de vloer proberen aanwezig te zijn om met de mensen te praten. Ik zeg niet dat het bij Demival zo is, maar een klassieker is natuurlijk: ah, die van kwaliteit, dat zijn de controleurs, dat is de politie die ons op de vingers komt tikken. Hoe ervaar jij dat bij Demival?
Worden jullie daar ook zo gepercipieerd?
Naomi Vandereycken, Demival:
Vroeger was dat inderdaad wel een beetje zo. Als wij een klacht ontvingen, werd die meteen doorgeschoven: ah, dat is voor de kwaliteitsdienst. Nu is dat niet meer zo. We hebben een kwaliteitscultuur gecreëerd door de mensen continu te betrekken wanneer er iets gebeurt of iets verandert. Daardoor krijg ik nu telefoons, niet van kwaliteitsmensen, maar van productie en van planners: "Naomi, de houdbaarheidsdatum is niet correct, kan je dat eens nagaan, klopt dat wel?"
Of: "Die klant komt op bezoek, dat is een superstrenge klant, maar ze heeft zelf gelnagels", of "ze wil haar juwelen niet uitdoen." Die informatie komt nu echt bij mij terecht. Ze zijn zo opgeleid dat ik alle meldingen van hen ontvang, dus dat leeft effectief. Dat is een heel grote verandering geweest. Dat heeft veel moeite en tijd gekost, veel opleidingen, veel informatie delen, maar ik denk: als wij vanuit de kwaliteitsdienst transparant zijn, dan krijg je hetzelfde terug.
Het is een wisselwerking, we hebben elkaar nodig. En productie is en blijft mee eindverantwoordelijke voor kwaliteit. Ik ga niet produceren; ik leg wel uit waaraan het moet voldoen, maar zij voeren het uit. Die communicatie is dus heel belangrijk.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ja, super. Ik ben blij dat te horen, dat je die cultuur hebt kunnen installeren, want dat is bij veel bedrijven nog een moeilijk punt. Zeker bij bedrijven met anderstalige of minder communicatieve medewerkers.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, maar daarvoor hebben we natuurlijk een sociale dienst: mensen die begeleiding bieden en die zaken vertalen. We volgen zelfs een cursus gebarentaal, dus er zijn heel veel mogelijkheden. Er zijn ook vertaalsites beschikbaar op de computers in de productie, dus dat is bij ons eigenlijk geen barrière. Mogelijkheden genoeg.
We zijn een maatwerkbedrijf, dus dat is ons doel. Onze externe klant is belangrijk, maar onze werknemer is onze interne klant, en daar doen we het allemaal voor.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Mooi, mooi, mooi.
Naomi Vandereycken, Demival:
Zonder hen zouden we niet kunnen produceren. Het zijn die handjes die belangrijk zijn.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Stel dat je in een ideale wereld je job volledig zelf mag invullen: zou je er iets aan veranderen?
Naomi Vandereycken, Demival:
Momenteel niet. Ik krijg zoveel vrijheid. Ik werk alleen, maar toch samen. Ik heb mijn eigen verantwoordelijkheden, ik mag opleidingen volgen, ik ga van de ene afdeling naar de andere, ik heb meer dan voldoende werk en ik heb ook voldoende collega's. Ik doe mijn job echt supergraag, dus ik hoop dat dat nog jaren mag duren. Momenteel zou ik hem niet anders willen invullen.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Een tevreden quality manager: dat hoor ik graag.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, maar ik moet er wel bij zeggen: moest ik alleen kwaliteit moeten doen, dan was dat misschien anders geweest. In mijn hoofdjob is ongeveer 70 à 75% kwaliteit. Voor milieu ben ik zelf niet helemaal thuis in de materie, dus daarvoor werk ik samen met een externe persoon, en voor preventie hebben we ook een team. Die combinatie maakt het net leuk.
Rechtstreeks contact met de klant
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Heb je zelf ook direct contact met de klanten?
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja. Ik bespreek alle kwaliteitstopics en klachten zelf met de klant. Dat vind ik ook het beste, want als ik praat met een commercieel persoon van een bedrijf, gaat dat toch anders dan rechtstreeks met de kwaliteitsverantwoordelijke van datzelfde bedrijf.
Allee, je zit gewoon op een andere golflengte.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ja, dat geloof ik. Nog een mogelijk spanningsveld, al denk ik dat je er al ongeveer op geantwoord hebt: in veel bedrijven bestaat er nog altijd spanning tussen kwaliteit en productie. De productiemanager zegt: tegen dat tijdstip moeten mijn paletten op de vrachtwagen staan en moeten we een bepaald rendement gehaald hebben. En dan komt kwaliteit zeggen: ho, niet zo snel, jongens.
Lukt dat goed bij jullie?
Naomi Vandereycken, Demival:
Eigenlijk wel. Wij leggen de lijn niet snel stil. Mocht er een probleem zijn — wat bij ons frequent voorkomt, is ondergewicht van de aangeleverde chocolade, waardoor we het gemiddelde gewicht van onze omverpakking niet halen…
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Een probleem dus.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, dan beoordelen we dat probleem, maar we leggen de lijn niet meteen stil. Het rendement blijft dus doorlopen. We staan in communicatie met de klant en met productie om het probleem op te lossen. Meestal raakt het probleem opgelost, waardoor het niet nodig is om de lijn stil te leggen.
Zoals net gezegd: onze interne klant is het belangrijkste. Dat onze mensen aan het werk kunnen, is voor ons het belangrijkste. Het rendement is uiteraard belangrijk, maar dat wordt niet zo gecommuniceerd in productie.
Onze werknemers weten ook niets van rendementen. Dat wordt niet naar hen toe geduwd of gecommuniceerd, zodat ze geen stress krijgen. Want stress geeft uitval en afwezigheid…
En dat is nog slechter voor het rendement.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Dat is inderdaad wel wat anders dan in een klassiek voedingsbedrijf, denk ik. Want daar zijn die rendementen echt een KPI, die ook in de maandelijkse dashboards besproken worden.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, dat is bij ons niet echt zo.
Bizarre vragen van klanten
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Terug even naar de klant, de producteigenaar. Je krijgt soms bizarre vragen van klanten. Kan je daar voorbeelden van geven, zonder namen te noemen?
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, zeker. Twee weken geleden kreeg ik een vraag van een klant. Of beter gezegd: ik kreeg telefoon van onze productieverantwoordelijke.
"Naomi, er zijn hier grondstoffen aangeleverd die vervallen in maart 2025, dus volgend jaar. En wij moeten er de datum augustus 2025 op printen." Ja, dat is vijf maanden verschil, dat mag niet.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
En jullie moesten enkel inpakken?
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, enkel inpakken.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Herverpakken?
Naomi Vandereycken, Demival:
De grondstoffen worden aangeleverd in een zakje en wij moeten ze in andere zakjes steken en afwegen.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Geen houdbaarheidsverlengend procedé?
Naomi Vandereycken, Demival:
Nee, er gebeurt geen enkele bewerking, geen verhitting of dergelijke.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Totaal niet dus. Het is confiserie, trouwens.
Naomi Vandereycken, Demival:
Er gebeurt dus niets, gewoon herverpakken, en wij labelen vervolgens. Normaal gezien nemen we, aangezien we geen eigenaar van het product zijn, de houdbaarheidsdatum over die de klant ons doorgeeft. Dat zijn bindende instructies. Maar een langere houdbaarheid toekennen, dat kan niet zomaar.
Er ging dus een belletje rinkelen in productie en ze belden mij. Vervolgens ga ik te rade bij de kwaliteitsverantwoordelijke van dat bedrijf: klopt dat wel, dat die houdbaarheid langer is dan die van de grondstoffen?
Hebben jullie daar bewijs van? Hebben jullie een analyse uitgevoerd, een houdbaarheidstest? En die klant antwoordde mij: nee, maar dat is ook niet onze verantwoordelijkheid.
Ik zeg: oei, maar toch wel. Wij mogen niet zomaar een langere houdbaarheid printen. "Jawel, jawel, dat is de verantwoordelijkheid van onze klant."
En ik dacht: dat kan toch niet? Want jullie verkopen aan webshops en apotheken. Dat is dus een absurde vraag.
Wat doe ik dan? Ik dek mijzelf natuurlijk ook een beetje in en ik ga informeren bij het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen. Ik bel hen op.
En zij schieten natuurlijk ook in de lach. Ze zeggen tegen mij: Naomi, daarvoor moet je toch niet gestudeerd hebben om te weten dat dat niet kan. Stel je voor, Alexander, dat je thuis een potje yoghurt uit de koelkast neemt.
Er staat op dat het vervallen is. Je giet het over in een ander potje. En in één keer beweer je dat het niet meer vervallen is.
Dat was de situatie, effectief. Dat kan niet zomaar. Zulke situaties zijn dus wel heel moeilijk.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Moeilijke situaties.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, want je wil je klant niet verliezen, maar je mag ook niets doen wat niet wettelijk is. En dat is soms heel moeilijk. Wat doe je dan?
Dan moet je in gesprek gaan met je directie. En daar worden dan keuzes gemaakt. Maar wettelijk blijf je natuurlijk verantwoordelijk.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ja. En ik ben nogmaals heel blij dat je zegt dat dit een telefoontje is dat jullie van productie krijgen. Die mensen zijn dus wakker genoeg om zelf te zeggen: klopt wel wat we hier aan het doen zijn? Dat is echt…
Naomi Vandereycken, Demival:
Het bewustzijn.
Van IFS en BRC naar enkel BRC
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Mooi om dat te horen. Ik denk dat jullie al BRC-gecertificeerd waren toen je bij Demival begon.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, en ook IFS, dat klopt.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
En gaandeweg is dat enkel BRC geworden.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, onze klanten vragen geen IFS-certificaat meer, dus we hebben ons daar niet verder voor laten certificeren.
Onaangekondigde audits
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Kan je iets vertellen over hoe een BRC-audit beleefd wordt bij Demival, en de weg ernaartoe? Is dat nog een moment van stress, een klein stressje bij iedereen — morgen is de audit?
Naomi Vandereycken, Demival:
Vroeger wel. Vroeger was de audit ook aangekondigd. Dan zag je de mensen beginnen te kuisen en alles proper leggen, en alle zaken die er niet mochten liggen wegstoppen.
Dat is gelukkig al jaren niet meer zo. Onze audits zijn nu altijd onaangekondigd, wat ik eigenlijk heel goed vind.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Zelf voor gekozen?
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, inderdaad. Zelf voor gekozen om het altijd onaangekondigd te laten doen. Waarom?
Ten eerste: het moet altijd in orde zijn. En ten tweede: wat hebben wij te verbergen? Niets.
We voldoen aan de wetgeving. We doen wat we moeten doen volgens BRC. Waarom zouden we dan schrik moeten hebben?
En dan nog: we hebben geen risicovolle producten. We werken niet met vlees of vis of dergelijke. We valideren ook alles.
We hebben nog nooit echt grote issues gehad. Waarom zouden we het dan niet onaangekondigd doen? Er is dus eigenlijk niet veel stress.
Wij zijn gewoon onszelf en wij vertellen wat we doen. En dat verloopt eigenlijk heel goed.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ik weet niet hoe de luisteraars hierop gaan reageren. Want ik heb wel een paar klanten die zeggen: oei oei, zelf kiezen om altijd onaangekondigd te werken, dat gaat niet. Onder meer omdat zij zeggen: wij zitten met die risicofactor van het personeel.
Ons systeem kunnen we nog zo goed opzetten als we willen, maar op de dag van de audit zijn er een paar verantwoordelijken ziek.
De productiemanager is op reis. Er gebeuren dingen waardoor we zeggen: ja, Murphy is er ook weer bij vandaag.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, dat kan.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
En om die reden dan niet kiezen voor onaangekondigd.
Naomi Vandereycken, Demival:
Dat kan bij ons ook gebeuren. Wij werken heel veel met chocolade, dus ons hoogseizoen loopt ongeveer van maart tot eind oktober.
Soms werken wij in de zomer met meer dan 80 jobstudenten. Maar die leiden we allemaal op. We mogen niet starten zonder een opleiding over allergenen en voedselveiligheid in het algemeen.
En welke schorten en haarnetjes en dergelijke je moet dragen. Dat moet allemaal gebeuren en dat moet ook aantoonbaar zijn.
Maar dat loopt, dat gaat goed. Wij werken ook samen met een uitzendkantoor dat ons daarbij helpt en die opleiding vooraf geeft. Bij ons kan er ook verlof genomen worden.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ja, maar je moet genoeg back-up hebben, denk ik.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ik denk dat dat ook een gedeelde verantwoordelijkheid is. Ik kan ook ziek zijn. Dus ja: back-up.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ja, zeker. Niemand is onvervangbaar. Dat is goed georganiseerd bij Demival.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ik vind dat persoonlijk wel. We zijn met verschillende mensen die elkaar toch vrij goed kunnen vervangen. Niet in alles natuurlijk.
Maar al onze documenten zijn ook… Ik heb geen enkel document dat enkel voor mij zichtbaar is. Alles is gedeeld.
Iedereen mag alles zien. Dat staat ook op SharePoint, dus iedereen kan alles terugvinden.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Morgen komen we allemaal auditeren bij Demival.
Naomi Vandereycken, Demival:
Allemaal welkom.
Als je morgen CEO zou worden
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Mocht jij morgen CEO worden van Demival, wat zou dan het eerste zijn dat je zou doen of veranderen?
Naomi Vandereycken, Demival:
Dat is een heel moeilijke vraag. Heel moeilijk. Ik zou het eigenlijk niet weten.
Ik vind dat echt heel moeilijk. Ja, ik weet het echt niet. Wat denk jij, Alexander? Jij kent ons al een beetje.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Als ik als buitenstaander naar jullie kijk — want ik kom nu ook niet zo vaak over de vloer — dan denk ik, en ik heb het zelf al aangegeven, dat jullie een enorme voedselveiligheidscultuur hebben.
Dus wauw, zeg ik daarop. Een voorbeeld voor anderen. Eigenlijk zou een ander bedrijf op studiereis mogen komen om te zien hoe die openheid en die transparantie er over de afdelingen heen zijn.
Naomi Vandereycken, Demival:
Waar ik misschien wel aan denk, is dat er nog een negatieve connotatie hangt rond het woord "beschutte werkplaats". Mensen denken soms dat die mensen gewoon aan een transportband of aan een bureautje de tijd zitten te verdrijven, zonder iets te doen. En dat is niet zo.
Wij zijn eigenlijk zoals een normaal bedrijf. Wij zijn even streng, en soms zelfs strenger dan anderen. Ik vind het soms jammer dat we daardoor misschien mensen afschrikken.
Maar ik zou zeggen: kom gerust eens langs en kijk. Inderdaad, zoals je aangeeft: allemaal welkom.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Wellicht een van de redenen waarom jullie meegedaan hebben aan Open Bedrijvendag.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, dat klopt inderdaad. Dat is ook de bedoeling. We willen transparant zijn en we willen ook leren.
Wij zitten ook in lerende netwerken. Ik zit zelf in een groep voor preventieadviseurs, en ik ben ook aangesloten bij een kwaliteitsgroep van VCK.
Wij proberen zoveel mogelijk informatie te delen. Je moet het warm water niet opnieuw uitvinden als je informatie van anderen kan krijgen en delen.
Studiekeuze en carrièrepad
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Je bent nog jong, een stuk jonger dan ik. Je bent afgestudeerd in 2013, als ik goed geïnformeerd ben.
Vind je dat het onderwijs jou goed voorbereid heeft op je professionele carrière van vandaag?
Naomi Vandereycken, Demival:
Te weinig, vind ik persoonlijk. Ik heb altijd economie-talen gedaan en ben dan verder gegaan door gewoon beurzen te gaan bezoeken.
Ik wist totaal niet wat ik wilde doen. Maar ik had altijd wel ergens een affiniteit met voeding en met groenbeheer. Ik ben zelf opgegroeid in de Vlaamse Ardennen, dus ik ben helemaal vertrouwd met de natuur.
Daar wilde ik toch iets verder mee doen. Ik heb dan agro- en biotechnologie gestudeerd, waarbij voedingsleer een onderdeel van de opleiding was. Dat was heel interessant, maar die informatie had ik nooit meegekregen in het middelbaar onderwijs.
Ik vind dat toch te beperkt. Ik ben zelf geen jobhopper, maar na mijn studie ben ik begonnen in de R&D en daarna in een commerciële functie. Zo weet ik nu ook dat commercieel niets voor mij is.
Ik ben heel sociaal, maar verkopen is echt totaal mijn ding niet. Ik denk dat je door ervaring op te doen in bedrijven veel beter te weten komt wat je echt wil in het leven dan door de uitleg die je op school krijgt. Ik vind dat te beperkt.
Eigenlijk zou je als student in het middelbaar in verschillende bedrijven moeten kunnen gaan kijken: dit doen wij, dit kan je hier doen, en met die studie kan je daarin verder. Ik vind dat wel te beperkt.
Grootste uitdagingen vandaag
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
We springen dan naar je job van vandaag. Wat zijn de grootste uitdagingen die je vandaag tegenkomt bij Demival? Wat zie je als de grootste challenges?
Naomi Vandereycken, Demival:
Ik denk: die kwaliteitscultuur behouden, en dan vooral op een goed niveau. En de combinatie met preventie, die we misschien nog verder gaan uitbreiden, omdat we daarin nog kunnen groeien.
We kregen van onze ISO-auditoren te horen dat onze kwaliteitscultuur supergoed is — voor kwaliteit en voedselveiligheid uiteraard — maar dat we voor milieu en preventie op hetzelfde niveau moeten geraken. Ik denk dat het goed is dat die twee aspecten nu ook bij mij terechtgekomen zijn, dat het nu één job is en dat we één systeem kunnen uitbouwen dat evenwaardig is voor die drie domeinen.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
En dat je de kennis die je in het ene domein hebt opgedaan, kan overzetten naar het andere.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, inderdaad. Dat klopt.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Mooi, mooi, mooi. Heb je nog soms stress in je job?
Naomi Vandereycken, Demival:
Ik weet wel een beetje wanneer de drukste momenten zijn. Tussen mei en september is het echt hoogseizoen.
Dan komt ook iedereen met zijn vragenlijsten langs. Nu, met de komst van de CSRD en de duurzaamheidsverplichtingen, krijg ik wekelijks verschillende lijsten van klanten. De ene is supersimpel.
Dat is dan één Excel-documentje van één paginaatje, bij wijze van spreken op vijf minuten ingevuld. Andere klanten hebben echt wel vijftig vragen of meer, waarop je zelf niet kan antwoorden. Dan moet ik naar de technische dienst, naar de personeelsdienst en naar de financiële dienst lopen.
Dat is echt uitdagend naar de toekomst toe, omdat niet iedereen met dezelfde sjablonen werkt. Daar is het systeem nog niet goed ontwikkeld.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Die duurzaamheid, ja.
Naomi Vandereycken, Demival:
Dat vind ik misschien iets wat ook wel uitdagend is. Europa vindt iets uit of introduceert iets, maar het staat nog niet op punt. Iedereen maakt er iets van naar eigen hand.
Maar dat is niet goed. Zou iedereen niet op dezelfde manier moeten werken? Dat zou toch veel eenvoudiger zijn.
Terugblik: dan en nu
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Ja. Ik denk even terug aan de begindagen van kwaliteit en voedselveiligheid. Ik spreek over de begindagen, maar ik zie het vandaag nog altijd: een vragenlijst van klant X en een vragenlijst van klant Y. Gelukkig hebben we daar certificatienormen rond gekregen, waardoor die vragenlijsten zouden moeten verminderen. Maar nu komen ze vanuit de duurzaamheidshoek.
Krijg je nog kwaliteitsvragenlijsten?
Naomi Vandereycken, Demival:
Veel minder. Af en toe, maar niet meer jaarlijks. Dat is meestal om de drie jaar.
Om te kijken of er effectief iets veranderd is. Maar veel beperkter.
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
En wat met klantenaudits?
Naomi Vandereycken, Demival:
Omdat we een BRC-certificaat hebben, ook veel minder. We hebben twee vestigingen: Demival 1 en Demival 2.
Voor Demival 2 krijgen we geen audits meer, omdat we daar volledig BRC-gecertificeerd zijn. Voor Demival 1 niet.
Daar hebben we ons gebaseerd op de HACCP-studie. Daar krijgen we af en toe, ongeveer twee keer per jaar, een audit van een klant.
Slot
Alexander Platteeuw, A+ Quality:
Oké, super. Naomi, bedankt voor dit gesprek en voor je enthousiasme. Ik hoop dat dit een voorbeeld kan zijn voor andere quality managers. Dankjewel.
Naomi Vandereycken, Demival:
Ja, ook bedankt Alexander.
