Eerder dit jaar kreeg een klant van mij een proces-verbaal van het FAVV. De reden? Hou je vast: er was geen warm water beschikbaar om de gebruikte tools te reinigen en om handen te wassen tijdens staalnames. Het gaat hier om basisinstrumenten zoals een mes, een weegschaal en een steeksonde. De staalnames gebeuren in een afgelegen ruimte, logisch dicht bij de kade waar de containers worden gelost—ver weg van de sanitaire voorzieningen.
De inspecteur gaf een boete met verwijzing naar EU-uitvoeringsverordening 2019/1014, die voorschrijft dat een grenscontrolepost of inspectiecentrum moet beschikken over warm en koud water voor handhygiëne. Wat daarbij opvalt: de verordening koppelt de warmwatereis nergens aan de staalname-activiteit zelf.
Punt 1: De wettelijke interpretatie is discutabel
Daarnaast is het ondertussen wetenschappelijk aangetoond dat handhygiëne met warm of koud water geen significant microbiologisch verschil maakt. Zie Michaels et al. (2002) in Food Service Technology en de Rutgers-studie van Donald Schaffner in Journal of Food Protection (2017). Met andere woorden: de warmwatereis is verouderd, niet onderbouwd en operationeel zinloos.
Punt 2: De regelgeving is dus achterhaald door wetenschappelijke feiten
En dan nog dit: voor zoiets een PV uitschrijven? Dat vind ik op z’n zachtst gezegd straf. In de volledige voedselketen bestaan er écht wel problemen die prioriteit verdienen. Deze boete lijkt meer op regeltoepassing zonder gezond verstand dan op doelgericht toezicht.
Punt 3: De proportionaliteit van de sanctie is zoek
Wetten zijn wetten, akkoord. Maar moeten we niet streven naar risicogebaseerde controles die effectief bijdragen aan voedselveiligheid? Wie wordt er beter van een warmwaterkraan op een kade waar twee keer per dag een mes wordt afgespoeld?
Wat zijn jouw ervaringen met PV’s van het FAVV of de NVWA? Laat het zeker weten—ik ben benieuwd naar de strafste opmerkingen of boetes die jij al hebt ontvangen.
Alexander Platteeuw


